Pan-Infotheism

 

De schimmen van een nieuw geloof, waarin informatie goddelijke kwaliteiten krijgt.

 

De gedachte, dat cybercriminelen dit alleen doen om het geld is te beperkt. Vanaf het begin waren de hackers, de voorlopers van de cybercriminelen, uit op eer en roem, ze zochten de uitdaging om zelfs de beste beschermde systemen binnen te komen, vaak deden ze dan niet meer dan hun signatuur ergens achterlaten. Er is een soort Robin Hood gevoel, dat de hacker de laatste bescherming is tegen de hele Big Brother trend, waarbij overheid, grote bedrijven of criminele organisaties gezien worden als de vijand, de moloch die aangepakt kan en mag worden. De vraag is echter, of er niet ondershuids een soort nieuwe religie is gegroeid, één die eerder uitgaat van de wetten van Asimov over robotica dan van de tien geboden van Mozes, en waarin informatie niet alleen vrij wil zijn, maar een fundamentele kracht is, een dimensie buiten de tijd-ruimte.

 

Cyber-fundamentalisme

De onthullingsdrang van Wikileaks heeft het allemaal erg actueel gemaakt, maar de gedachte dat informatie vrij zou moeten zijn, dat iets wat zonder kosten vermeerderd en verspreid kan worden zich onttrekt aan de klassieke noties over eigendom en eigendomsrechten, heeft duidelijk aanhangers. Mensen als Ted Nelson, Jaron Lanier, Wau Holland, John Perry Barlow, Bill Gibson maar zeker ook cyber-psychonaut Tomothy Leary hebben die notie ontwikkeld en mogelijk gemaakt. Zonder de visie van Nelson over hypertext en de koppeling van alles aan alles die gestalte kreeg in het worldwide web en html, zonder de inspiratie van het werk van mensen van Xerox Parc, de ontwikkelaars van mens-machine en machine-machine interfaces en hun geloof in een toekomst waarin de technologie niet alleen vooruitgang, maar ook vrijheid, gelijkheid en broederschap zou brengen, zouden we nu nog genoeg hebben aan de paar IBM-supercomputers waar de oprichter van dat bedrijf aan dacht. ICT heeft globalisering gebracht en de hoop op een libertijnse democratisering van kennis en wijsheid. Schrijvers als Huxley, Orwell en Asimov hebben hun werken over wat er mis zou kunnen gaan niet geschreven als onheilsprofeten, maar als een waarschuwing, een vermaning, zij zagen de grenzen waar we nu tegenop lopen.

Information wants to be free, en heel langzaam groeit het inzicht, dat informatie misschien iets meer is dan wat Claude Shannon zag als een rechtlijnig, unidirectioneel proces van gegevensoverdracht. Gregory Bateson sprak al over "information" as a "difference that makes a difference", ikzelf spreek graag over “a bit is only information if it bytes”. Als we kijken naar de fysische inzichten over informatie en entropie, daarbij de quantum-theoretische noodzakelijkheid van een waarnemer en dus bewustzijn betrekken, dan ontvouwt zich een informatie-dimensie, die veel dieper ingrijpt in de realiteit dan de empiristen als Hume konden bevatten. Misschien was Berkeley die de stoffelijke werkelijkheid en zelfs tijd en ruimte in twijfel trok ten gunste van de geestelijke dimensie er nog het dichtste bij. Informatie als oerdimensie, als verbindend element, en dan is de stap naar chi, Tao, liefde, ether of Goddelijke vonk niet meer zo bevreemdend. Informatie als een veld, dat zender en ontvanger verbindt, maar tegelijk in verbinding staat met alles, zich niets hoeft aan te trekken van het tijd-ruimte continuüm en waar de mens, of in ieder geval sommige mensen speciale zintuigen voor hebben, dat gooit het hele denken om. De idealisten krijgen op een vreemde manier gelijk, maar de materialisten en rationalisten zullen die dimensie ook gewoon proberen in te passen in hun filosofie door bijvoorbeeld causaliteit te koppelen aan dat informatieveld.

In ieder geval schuift informatie een paar treetjes omhoog en zullen de materialisten en psychophysicalisten, die onze hersenen als een computer van vlees zien hun hoop op een kunstmatig bewuste en intelligente digitale computer wat moeten bijstellen.

 

Mijn vraag, of laten we het intuïtie noemen, is dat de informatie-dimensie inderdaad een fundamentele dimensie is, een veld, kracht of bewegingsprincipe, dat alles doordringt. In die zin ontwaar ik dan de omtrekken van een infotheïsme, dus een geloof in informatie als “goddelijke” kracht, die alles en overal werkt, niet gebonden is aan de tijd-ruimte beperkingen (een orthogonale dimensie heet dat) en die ik dan formeel pan-infotheïsme kan noemen.

Vrijheid van informatie en de openbaringen

Misschien lijkt het, dat de openbaringen zoals die in de Bijbel of de Koran zijn neergelegd als Goddelijk geïnspireerde meta-waarheid anno 2011 niet meer serieus genomen worden, maar wie zich enigermate verdiept in de ontwikkeling van cultuur ziet steeds weer nieuwe “openbaringen” die soms lijken op eerdere “heilige boeken” zoals de “Course in Miracles”, soms profetische trekjes hebben en vaak ook heel nieuwe wegen aangeven. In de psychologie is er bijvoorbeeld het Enneagram, een persoonlijkheidstypering waarvan de ontdekker Oscar Ichazo beweert deze van de aardsengel Metatron te hebben ontvangen, en ook het op een soort astrologie gebaseerde Human Design Systeem  van Ra Uru Hu en veel ontdekkingen en uitvindingen zijn op wonderbaarlijke wijze naar voren gekomen. Het aantal “gechannelde” boeken met soms verbazend gedetailleerde en bruikbare aanwijzingen, waarschuwingen en voorspellingen is enorm en het zou vreemd zijn, als in de informatica ook geen sprake zou zijn van “openbaringen”.  De wetten van de Robotica van Asimov hebben al bijna mythische status gekregen, de verbeeldingskracht van Science Fiction schrijvers als Bill Gibson heeft de hele technische ontwikkeling duidelijk gestuurd, en het is meer dan waarschijnlijk dat het “ evangelie van de virtualiteit” al ergens op de plank ligt, al dan niet toegeschreven aan goddelijke dan wel psychedelische inspiratie.

Een van de documenten, die al gezien kunnen worden als een soort credo van cyberspace is de Cyberspace Independence Declaration uit 1996 van John Perry Barlow en ook de Silicon Brotherhood creed van mijzelf en Allan Lundell uit 1990 maakt van cyberspace al een soort hemelse vrijhaven.

Cyberhel

Bij een hemel, zoals Barlow die zag, hoort ook een hel. En inderdaad, Cyber-rampen en Cyberfouten zijn er ondertussen genoeg, misschien zelfs Cyberzonden. Er zijn een aantal soorten cyber-ellende, want er is meer dan de bekende cybercrime en malware. Het kan op allerlei manieren fout gaan, en daarbij is niet altijd een verantwoordelijke of schuldige aan te wijzen. Er kan altijd wat misgaan, door een menselijke fout, een defect onderdeel en dat kan heel beperkt zijn, en worden gerepareerd via een backup of het vervangen van een onderdeel, maar het kan ook goed uit de hand lopen als belangrijke netwerkdelen falen of er bijvoorbeeld door extreme zonneactiviteit opslag, transmissie of content-integriteit misgaan. Daar is door redundantie (verdubbeling), backup en andere maatregelen  wel wat aan te doen, maar een totale ramp is niet uit te sluiten, kan enorme gevolgen hebben voor bijvoorbeeld het betalingsverkeer en is moeilijk te verzekeren, omdat de risico’s niet goed zijn in te schatten. In die zin lijken ze op de Wrake Gods, omdat wij als simpele Cyberzielen geen antwoord hebben op Cyberwar , kwesties als Netneutrality en Cybertol, Cybermachtsongelijkheid en cybermonopolies.

 

 

.

27 Feb. 2011, Luc Sala